I’m glad it’s finally hot enough to complain how hot it is

074-1Het is alweer een paar dagen mooi weer. Rond de 28 graden. Dan weet je wel hoe laat het is. Jong en oud rukt massaal uit richting de kustlijn. Bleke ledematen die al maanden geen zonlicht hebben gezien, worden zonder omhaal uit hun jasje bevrijd en ongegeneerd tentoongesteld. En natuurlijk komt zonnend Nederland in verschillende gradaties. Zo heb je de zorgzame huismoeder. die met 3 kids en een tas vol bolletjes pindakaas en chocopasta de hele dag snottebellen zit te vegen onder een parasolletje. Ook heb je de fanatieke types die enkel komen om flink te bakken. Bewapend met olie en speedo rollen ze om 9 uur sharp hun handdoekje uit. Rond een uur of 11 zijn ze zo vuurrood dat je bang bent dat ze het eind van de dag niet zullen redden. Bij de strandtenten aan het zwarte pad is het vooral zien en gezien worden met afgetrainde en zongebruinde lijven. De polderversie van Ibiza zal ik maar zeggen. Om 11 uur zijn alle luxe bedden bezet en ligt menig verveelde Millennial de ganse dag te flaneren onder het genot van veel te dure alcoholische versnaperingen.

Maar wat alle Nederlanders met elkaar gemeen hebben, is dat we ontzettend veel klagen. We klagen over het zand, over de zon, over de wolken, over de wind, over de warmte, over de temperatuur van het water, over de bediening, over de strandbedjes, over het gebrek aan strandbedjes en ga zo maar door. Het is nooit goed. Je begint je bijna af te vragen waarom we ons in hemelsnaam massaal richting het strand begeven als het er toch allemaal zo rot is? Toch staat dit klagen los van het strand en is het iets dat we overal doen. Het verbindt ons namelijk. Net als Italianen zich verbonden voelen door goddelijk eten en eigenlijk alle landen ter wereld door enige landelijke cultuur, zoeken wij Nederlanders toenadering bij elkaar door een lekker potje te zeiken. Om vervolgens toch weer te zeggen: ‘Aah wat was het heerlijk op het strand, he?! Het is waardevol voor ons Nederlanders, want het is precies datgene dat de hopeloze huismoeders, fanatieke tanners en verveelde Millennials met elkaar verbindt.

If your actions inspire others to dream more, learn more, do more and become more, you are a leader.

Een halfjaar werkervaring op doen na je studie bij een grote organisatie als marketeer evenementen, doordat je iemand kan vervangen tijdens haar zwangerschapsverlof. Perfect! Deze mogelijkheid kwam op mijn pad en ik had zelf eigenlijk nog geen idee in wat voor functie ik mijzelf zag. Dus vanaf maart begon ik met mijn eerste officiële baan. Ik schreef promotionele teksten en bedacht activiteiten om deelnemers te werven naar de workshops, congressen, seminars en voorlichtingsbijeenkomsten die het bedrijf organiseerde. Leuk werk, in een leuk team. Maar een tijdelijke functie. Dus ogen open, oren open en kijken of er eventueel een plaats in de organisatie vrij komt en blijven zoeken naar vacatures.

Na een aantal maanden aan het werk te zijn, bleek de projectmanager ook zwanger te zijn. Een babyboom op de afdeling evenementen! Verhalen van collega’s versterken denk ik de wens van anderen. Het moest zo zijn denk ik maar, want ik kreeg een hele mooie kans. Ik mocht blijven. En ja wel, in de rol van projectmanager. Na 6 maanden als marketeer gewerkt te hebben en onderdeel te zijn van de afdeling Evenementen, werd ik nu opeens teamleider/projectmanager van Evenementen. Een hele mooie ervaring om gelijk als starter al in een leidinggevende functie te zitten. Maar ook een spannende ervaring, omdat je nu leidinggevende bent van de collega’s met wie je nauw hebt samengewerkt. Een perfect moment om mijn leidinggevende vaardigheden te ontwikkelen en te ontdekken. Ik moet toch hetzelfde gezag krijgen als degene die ik nu vervang. Naast deze leidinggevende rol heb ik ook een overkoepelende coördinerende functie bij de organisatie van de evenementen.

Ik werkte nauw samen met de teamleidster in mijn vorige functie, daardoor was het overnemen van haar taken al een stuk makkelijker en wist ik wat mij te wachten stond. Maar alsnog kom je voor verrassingen te staan. Het werk van een leidinggevende gaat niet altijd over rozen. Verschillende karakters waar je mee moet samenwerken, deadlines die behaald moeten worden en het coachen van collega’s kunnen soms voor spanning zorgen. En als net afgestudeerde 24 jarige die soms moet zeggen aan werknemers hoe ze iets moeten aanpakken, wordt ook niet altijd fijn gevonden. Maar dat maakt het werk wel weer uitdagend. Ik leer ontzettend veel hoe ik bepaalde dingen moet aanpakken en bedenk samen met mijn eigen manager ook wat de beste manier zou kunnen zijn.

Helaas is dit natuurlijk weer een tijdelijke functie, maar een mooie aanvulling op mijn cv en een mooie ervaring. Van student naar carrièrevrouw. Ik hoop het, het begin is er!

What i love most about my home is who i share it with.

couples-living-togetherSinds een paar weken woon ik samen met mijn vriend. Het werd wel eens tijd want we zijn al 7 jaar bij elkaar. Het grootste ding waar ik aan moet wennen is natuurlijk het feit dat we altijd samen zijn en ondanks dat we al zo lang een relatie hebben,  vind ik dat toch spannend. Voorheen kon ik mij gewoon terugtrekken wanneer ik even ‘ruimte’ nodig had en dan zagen we elkaar later weer.

Een gevaar van het ‘altijd samen zijn’ is natuurlijk dat je elkaar wel ziet/spreekt, maar eigenlijk niet echt 100% aandacht aan elkaar besteed en veel buiten de deur met vrienden doet. Daarnaast werkt mijn vriend ook in het theater, waardoor hij ook vaak avonden weg is. Wij bespreken dan ook hoe onze week eruit ziet om ook een dag of avond te kunnen plannen om écht samen iets te kunnen doen. We noemen het nu “date night”. Eigenlijk precies zoals we dat vroeger ook deden: dates plannen. Tegelijkertijd zorgen we er ook juist voor dat we genoeg onze eigen vrienden zien, want dat blijft natuurlijk ook belangrijk.

Dan heb je het hoofdstuk ‘vrienden’ nog. Eerst kon ik met mijn vriendinnen een film kijken en andere meisjesachtige dingen doen en mijn vriend had game/bier/whatever-jongens-doen avondjes met vrienden, maar dat is nu wel iets lastiger. Zoiets doen we natuurlijk nog steeds maar we proberen dan meestal er voor te zorgen dat de ander dan ook wat gepland heeft. Voordeel is juist ook dat het ook heel gezellig is om meer betrokken te worden bij de andere groep. Tuurlijk, je kent elkaars vrienden wel maar je leert ze toch anders kennen wanneer ze ook bij ‘jou’ in huis komen.

Maaaar de conclusie is dat het vooral super leuk is om samen te wonen! Je wilt graag bij diegene zijn en dat ben je op deze manier het meest. Wanneer je thuis komt van een lange dag weet je dat er altijd iemand is waar je je ei bij kwijt kan. Ik een heeeeel tevreden samenwonende.

All you need is love. But a little chocolate now and then doesn’t hurt

Gister was de commercieelste dag van het jaar, namelijk Valentijnsdag. De dag van de liefde. Al de hele week waren mensen toch wel met deze dag bezig. Ook al zeiden mensen om mij heen ‘Nee, wij doen nooit wat met Valentijn, elke dag moet toch speciaal zijn’ waren ze toch soort van nieuwsgierig wat anderen dan wel of niet met valentijn doen. Ik ben zelf ook altijd nieuwsgierig hoe andere mensen deze dag aankleden. Misschien was het dit jaar dan net iets anders, omdat het natuurlijk ook Carnaval is, maar deze dag blijft me toch ook altijd boeien. Ook het verschil tussen vrouwen en mannen met deze dag. Het deed me heel erg denken aan een filmpje die ik een tijd geleden had gezien van een cabaretier. Hij had het in zijn show over vrouwen met Valentijnsdag. Ik heb nog op youtube lopen zoeken naar dit filmpje, maar ik kan het helaas niet meer terugvinden. Het grappige aan dit filmpje (ook al wil je niet als vrouw over één kam geschoren worden, maar stiekem heb ik wel heel erg hard gelachen) is dat hij het heeft over het verschil tussen mannen en vrouwen met Valentijnsdag. Tuurlijk gaat het niet altijd zo, maar ik kan begrijpen dat dit toch wel vaak voorkomt.  Vlak voor Valentijnsdag kan je de vraag krijgen van je vriend, of jullie dit jaar wat aan Valentijnsdag doen of de vraag krijgen wat je voor Valentijn wil hebben. Nee mannen dit zijn niet de juiste vragen. Waarschijnlijk zal een vrouw een meer nonchalant antwoord geven van: ‘nee ik hoef niets met Valentijn hoor’. Maar let op, dit is een hint, die niet elke man zal begrijpen. Ik merk het vooral aan mezelf. Stiekem hoop ik toch wel op een verrassing, de hopeloze romanticus die ik ben. Zelf vind ik het ook altijd wel leuk om iets liefs of grappigs te geven, wat bijvoorbeeld alleen Mijn vriend en ik zullen begrijpen. En dan hoop ik toch wel dat mijn vriend ook zo denkt, maar je wil hem alleen niet voor het blok zetten. Dus geef je maar zo’n antwoord, in de hoop dat je vriend toch wel de hint zal begrijpen. Eigenlijk heel geniepig, maar niets is leuker om toch iets liefs kleins te krijgen. En ook al is het misschien nog leuker dat zo’n verrassing op een andere dag zou gebeuren, wanneer je het bijvoorbeeld totaal niet verwacht. Maar kleine verrassingetjes (ook met Valentijn) zijn nou eenmaal fantastisch in een relatie. Ik heb deze dag stiekem altijd wel leuk gevonden. Ik heb nu al bijna zes jaar met mijn vriend, dus er zijn al flink wat valentijnsdagen met elkaar voorbij gegaan. Maar zelfs toen ik geen vriend had, blijft een Valentijnsdag toch een dag waar iets mee gedaan moet worden. Vroeger ging ik met vriendinnen romantische comedies kijken en konden we flink wat chocola naar binnen werken. Oh wat vonden we ons zelf zielig zonder vriend. Ik geef gewoon de schuld aan al die verdomde romantische comedies. Het blijft gewoon leuk om bijvoorbeeld een lieve kaart te ontvangen met een lieve tekst of een boeket rozen. Zo viel gister een grote kaart op mijn deurmat met daarop ‘Ik hou van jou, met heel mijn hart’ met een lief geschreven tekst aan de binnenkant. En gister, omringd door andere stellen, zijn mijn vriend en ik op de commercieelste dag van het jaar heerlijk uit eten geweest. De dag van de liefde hoeft geen groot spektakel te zijn, maar een klein verrassingetje en gewoon gezellig samen zijn, daar is nog nooit iemand aan dood gegaan. 

Where words fail, music speaks.

Het is weer een tijd geleden dat ik iets van mij laat horen. Mijn master vergt veel tijd en doordat ik al uren lang achter mijn computer zit om het ene artikel na het andere artikel te lezen, had ik de laatste tijd gewoon meer de behoefte om mijn computer in de hoek van mijn kamer te zetten als ik hem die minuimages-4scule uurtjes van de week niet nodig zou hebben. Maar ik ben toch het schrijven voor mijn plezier gaan missen, vandaar dat ik weer ben gaan schrijven. Zoals eerder in een blog beschreven, vind ik het ontzettend leuk om zelf  leuke bandjes of singer-songwriters op te zoeken die meestal niet voor de hand liggend zijn. Mijn Spotify playlist staat vol met dit soort ‘onbekende’ muziek. Vandaag zou ik graag wat van deze nummers en artiesten met jullie delen.
Allereerst draai ik het nummer It’s a longer road to california than i thought van The wind and the wave, helemaal plat. Het doet me denken aan de tijd dat ik met mijn ouders vier weken door Amerika reisde. Aan al die keren dat we in de auto zaten en alles om mij heen een soort film leek die voorbij raasde. Het nummer draai ik misschien de laatste tijd te vaak, want zelfs mijn moeder hoor ik soms uit het niets de oetjes uit het nummer blèren.
Een ander nummer wat ik de laatste tijd veel draai is het nummer Sophie van Bear’s Den. Het nummer deed mij onwijs denken aan het nummer For the widows in paradise van Sufjan Stevens. Het nummer dat bij mijn vroegere lievelingsserie The O.C. gedraaid werd bij de mooie begrafenis op het strand van de vriend van Marissa. Wat overigens ook een mooi nummer is.
Het nummer Something’s gotta give van All time low luister ik weer op hele andere momenten, soms heb je gewoon meer zin in wat meer up tempo nummers. Fantastische band en van dit nummer word ik altijd vrolijk en heb ik zin om lekker hard mee te zingen. Ben je nieuwsgierig geworden naar nog meer nummers van mijn smaak? Je kunt mij opzoeken op spotify: Margot Meijerink. Mijn playlist, genaamd playlist (toepasselijk) staat vol met dit soort nummers.

“When a woman says, ‘I have nothing to wear!’, what she really means is, ‘There’s nothing here for who I’m supposed to be today.”

‘Wat moet ik aan, ik heb niets om aan te trekken’ voor mijn gevoel is dit een bekende uitspraak van vrouwen. Ik gebruik het in ieder geval heel vaak en krijg eigenlijk altijd terug ‘Het is weer zover’ of ‘Kijk in je kast, jij hebt zat leuke kleding’. Maar helaas is mijn kledingkast niet zo mooi opgeruimd, zoals eigenlijk de bedoeling is. Het is een wonder dat ik ‘meestal’ nog mijn kleren kan vinden, want eigenlijk is het een kast waar alle kleding ingepropt is, zodat het nog het er allemaal nog net in past. Het enige wat wel het probleem is dat ik zelf meestal vergeet wat ik heb, omdat het dan helemaal achterin in mijn kast ligt. Dan denk ik dat ik helemaal geen kleren heb en ben ik meestal zo snel mogelijk weer in de winkels te vinden om nieuwe truitjes, broeken en andere dingen te kopen. Opruimen dat zou het beste plan zijn, maar zelf ben ik niet iemand die het inniatief neemt. Tuurlijk zou ik heel graag willen dat het wat netter was, zodat mijn kast ten minste dicht kan en niet alles half uit mijn kast puilt. Maar ja het opruimen moet toch een keer gebeuren. Je kunt het niet voor altijd uitstellen. Dus met goede moed en goede hulp van mijn vriend, wat natuurlijk ontzettend lief van hem is, ben ik begonnen met het opruimen van mijn kast. Toen ik mijn vriend afdeling lingerie gaf, was het sowieso wel goed, want al snel kwamen er opmerkingen als ‘waarom heb je dit nooit aan?’ of ‘Dit mag je wel vaker aan doen hoor’.  Maar niet alleen de lingerie komt weer tevoorschijn, ook allemaal leuke truitjes en jurkjes, waarvan ik helemaal vergeten was dat ik ze had.  De hele kamer ligt nu nog vol met stapeltjes van jurkjes, truitjes, broeken enzovoort en een stapeltje met als doel zo snel mogelijk naar een container te brengen waar de kleding niet regelrecht de vuilnisbak in beland maar naar kinderen in ontwikkelingslanden gaat. Ik moet zeggen dat het oplucht. En ik heb weer het gevoel dat ik kleding heb, ik heb zelfs het idee dat ik teveel kleding heb. Waarschijnlijk zal dit gevoel niet lang duren, want binnen de kortste keren zal ik weer de opmerkingen ‘Ik heb niets om aan te trekken of ik heb helemaal niets leuks’ gebruiken en zal ik weer in een kledingwinkel lopen om een blousje te kopen. Ik blijf tenslotte een vrouw. En nee lieve vriend van mij, dat blousje zal echt niet lijken op wat ik al in mijn kast heb hangen, wees gerust. hihi. Maar de eerste stap en ook uitdaging, is om al deze stapeltjes weer netjes in mijn kast te krijgen en truitjes die ik vaak draag bovenop te leggen zodat het niet binnen de kortste keren weer een puinzooi is als ik het onderste truitje aan wil doen (vast herkenbaar). Ik ga maar een poging wagen, hopelijk kan ik er nu wat langer van genieten.

You learn a lot when you’re barefoot. The first thing is every step you take is different

One Day Without Shoes

Op een dinsdagochtend om 8.30 nadat ik al een treinreis van zoetermeer naar Utrecht achter de rug had, stond ik te wachten op de bus die mij naar de campus brengt. Een vriendelijk ‘hallo’ doet me opschrikken uit mijn gedachten. Elke dag kom ik hem bijna tegen. In de trein, in de bus en op Utrecht Centraal . Geen held op sokken, maar een held die altijd op zijn blote voeten loopt. Zonder dat ik het door had was ik aan het staren. ‘weet u misschien, hoe laat de eerste bus naar de Uithof gaat?’. Ik merk dat ik alweer veel te lang aan het staren ben en geef vluchtig antwoord ‘uhm, over 5 minuten’. De man op blote voeten bedankt mij en doet een stap naar achteren en blijft daar rustig wachten.

De eerste keer dat ik je zag, had ik eigenlijk al een beeld van je gevormd. Het was toen nog winter, koud en regenachtig weer. Ik vond het maar vreemd een man die buiten op blote voeten loopt met deze kou. Wat mij opviel was dat hij altijd een handdoekje bij zich had. Vast om zijn voeten steeds af te vegen, zodat die er wel schoon uit bleven zien. Ik lachte in mijzelf, het is toch gek zoiets? En voor iemand zoals ik, die al heel veel schoenen heeft is dat ook moeilijk te beseffen dat je geen leuke schoenen aan zou willen.

Mijn gedachten namen een loop. Waarom zou deze man op blote voeten lopen. Wil hij zich vrij voelen, éen met de natuur willen zijn, is dit een statement die hij af wil geven of komt zijn oerinstinct naar boven? Hij heeft in ieder geval wel veel eelt opgebouwd onder zijn voeten. Ik kijk naar de grond bij de bushalte, niet echt schoon als je het mij vraagt. Daarnaast lagen er ook kleine steentjes en groene kleine stukjes glas, vermoedelijk van een bierflesje. Zou hij daar wel eens intrappen of heeft hij geleerd extra goed te kijken, zodat hij daar in ieder geval nooit in zou trappen.

De bus naar de Uithof kwam aan rijden en we stapte beiden in, om mij heen zie ik mensen gniffelend kijken naar zijn voeten. Ik vraag mij af of hij het door heeft dat mensen naar hem kijken en het toch raar vinden. De man met de blote voeten laat niets merken en gaat rustig op een eenpersoonszitje in de bus zitten.  Ik denk dat hij het wel gewend is, dat mensen naar hem kijken. Wat ik zo bewonder vind is dat hij lekker doet waar hij zelf zin in heeft, ongeacht wat de reden natuurlijk is.

Vlak voor mijn halte dacht ik nog, zal ik hem aanspreken en vragen waarom hij eigenlijk geen schoenen aan heeft. Mijn gedachtes zouden dan bevestigd kunnen worden. Maar ik durfde niet. Toen ik uitstapte dacht ik waarom eigenlijk niet? Het kan toch geen kwaad, misschien vindt hij het wel leuk als ik er naar vraag in plaats dat ik de hele tijd naar zijn voeten staar alsof ik één of andere voeten fetisj heb. Tot nu toe blijft het een misterie, het misterie van de man met de blote voeten.